Realistisch

Het is alweer enige tijd geleden dat ik mij serieus heb bezig gehouden met het maken van muziek. Eind mei, geloof ik, besloot ik dat ik er geen zin meer in had, voorlopig dan wel voorgoed. Ik was maanden bezig geweest met het opnemen van een nieuw album, en het geld was op om het af te maken. Bovendien had ik het gevoel geen progressie meer te maken en leek het laatste vleugje creativiteit uit mijn gemoed geperst. Ik was moe, afgepeigerd door werkloze uitzichtloosheid.

Voorzichtig begint het echter weer te kriebelen, de laatste tijd. Zo heb ik deze week tot twee keer toe de gitaar gepakt om er op te pingelen, en ik heb Willem Bloem gebeld om te vragen of hij nog leeft. Willem is de eigenaar van The Flowerhouse, een kleine studio in Haarlem waar ik de opnames voor mijn album heb gemaakt. Willem leeft nog, vertelde hij, evenals de vruchten van onze samenwerking, die hij op zijn computer rustig had laten verstoffen tot hij ongetwijfeld weer van mij zou horen. Ik heb er zowaar weer zin in.

Deze ommekeer komt onverwacht. Anderhalve maand geleden mocht ik eindelijk weer aan de slag, maar wel in in voor mij geheel nieuwe functie. Het leraarschap, waar ik zonder ervaring en bevoegdheid aan ben begonnen, bleek al snel minstens zo uitputtend te zijn als de uitzichtloosheid was geweest toen ik nog werkloos was. Ongelofelijk! De kinderen die ik onder mijn hoede heb, zijn stuk voor stuk probleemgevalletjes of op weg dat te zijn. Ruimte voor muziek zag ik niet. Tot vorige week, toen ik begon te wennen aan mijn nieuwe bestaan.

Het voert te ver om te zeggen dat ik mij als vanouds op de muziek ga storten. Maar er broeit tenminste weer iets, en ik wil dat album, waar al veel tijd en geld in zit, eindelijk afronden. Nooit weer wil ik mijzelf echter zo vol passie op een hobby storten. Mijn verlangen naar erkenning voor mijn liedjesschrijverij, uitvergroot door de uitzichtloosheid in mijn situatie, werkte verlammend. Nu de onverwachte wending in mijn loopbaan geland is, durf ik te zeggen dat Opdichter nog lang niet dood is. Opdichter leeft! Maar hij blijft realistisch.

Luister naar Menigeen begrijpt hoe jij je voelt, een ruw voorproefje van het album dat er zeker komen gaat:

Werkloze kostwinners

Het kan best grappig zijn om je werkloze vriend steunzool te noemen. Een beetje werkloze beschikt immers over voldoende zelfspot om die kwalificatie als geuzennaam te dragen. Het probleem is echter dat veel mensen werklozen niet omwille van de humoristische noot in de hoek zetten, maar omdat zij daadwerkelijk denken dat iemand met een WW-uitkering werkschuw tuig is. Mensen die werkloosheid aan den lijve ondervinden, weten in de meeste gevallen wel beter.

Werkloosheid gaat iemand die in de kracht van zijn werkzame leven zou moeten staan niet in de koude kleren zitten. Als een zwaard van Damocles hangt het uitblijven van succes in het vinden van werk boven de hoofden van deze mensen. Wat als het niet lukt om een baan te vinden voordat het recht op een WW-uitkering afloopt? Voor menig werkloze staat veel meer op het spel dan alleen de eigen loopbaan. Het huis, bijvoorbeeld, en een stabiele omgeving voor de kinderen.

Vooral voor veel mannen is werkloosheid een martelgang, juist omdat zij vanuit hun omgeving vaak stuiten op meewarige blikken en quasi-begripvolle opmerkingen van vage bekenden die van horen zeggen hebben. Dat het voor een man heel rot moet voelen om werkloos te zijn, en zo. Ja, rot is het. “Want voor een man is werkloosheid erger dan voor een vrouw”, wordt er vervolgens ingewreven. Waarom? “Een man heeft meer eergevoel en zijn maatschappelijke status daalt.”

Zo, daar kun je het als mannelijke werkloze mee doen. Toch is het niet onlogisch dat het gangbare idee is dat werkloosheid de gemiddelde man moeilijker valt dan de gemiddelde vrouw. Goed of niet, veel mannen zijn in de praktijk nog altijd de voornaamste kostwinner van het gezin. Het verschil waarin mannen en vrouwen werkloosheid ervaren heeft dan ook niet alleen met eergevoel en status te maken, maar tevens een praktische verklaring.

Het werkloosheidsspook dat momenteel door Nederland waart, treft tot nu toe vooral mannen. Tegelijkertijd stijgt het aantal gedwongen huisverkopen. Causaal verband: doordat een groeiend aantal primaire kostwinners werkloos is, wordt het voor steeds meer gezinnen moeilijk om aan de hypotheekverplichtingen te voldoen. Maatschappelijk gezien is stijgende werkloosheid onder mannen dan ook een grotere zorg dan stijgende werkloosheid onder vrouwen.

Nee, er is niets mis met het maken van grapjes over de werkloosheid van een vriend. Maar sta er wel eerst even bij stil of dit werkschuw tuig een gezin heeft. Vaak staat hij dan immers onder immense druk omdat hij voor zijn kinderen een toekomst heeft te bestendigen. Als een primaire kostwinner bezwijkt onder die druk, bezwijkt waarschijnlijk het gezin. Werkloze kostwinners verdienen geen hoon, maar een steuntje in de rug.

Aso

Zit ik in een koffiebar te werken, word ik afgeleid door drie heren. Ik vang een flard op van hun gesprek, uitgesproken door de grootste kakker van het stel: “Uitkeringstrekkers, daar kan ik echt niet tegen.” Meer wil ik niet horen, dus doe ik mijn oordopjes in. Uitkeringstrekkers… Niet eerder heb ik me door die term aangesproken gevoeld. Ja, mijnheer, ik heb een uitkering. Maar die ‘trek’ ik niet. Ik ontvang haar elke maand op mijn rekening, waarna ik een verwaarloosbaar deel opneem en de rest via automatische incasso’s laat afschrijven. Ja, ik baal van mijn werkloosheid. Nee, het lukt zelfs niet om als putjesschepper aan de slag te komen. Bied me de baan aan en ik begin gisteren. Aso!

Faammomentje

Heb ik eindelijk mijn momentje faam te pakken, gaat het over mijn werkloosheid en wat dat doet met mijn zelfrespect. Een groot artikel hierover stond afgelopen woensdag in dagblad Trouw. Ach ja. Wie weet is het de opmaat naar meer, een doorbraak voor Opdichter, al ging dit dus over ‘de man achter…’ en niet over diens muzikale en bloggende alter ego. Toch leuk! Het artikel is geschreven door Wilfred van de Poll, met foto’s van Werry Crone. Opmaak: Lisette van Boxel. Trouw is een klassekrant, het team dat dit artikel heeft verzorgd verdient een compliment. Ik heb er erg leuke reacties op gehad, ook van mensen die ik niet kende. Toch was het bijzonder confronterend om mijn tronie eerst paginagroot op de openingspagina van De Verdieping te zien prijken, met de legendarische woorden ‘Ik ben wel eens bang dat ik als een zwerver eindig’, en vervolgens een artikel te lezen waarin de nadruk is gelegd op de moeite die het kost om als werkloze je zelfrespect te behouden. Het vreemde is dat ik tijdens het interview nu juist heb getracht te benadrukken dat ik meer zelfrespect heb dan ooit. Maakt niet uit, had ik maar moeten vragen het vooraf te mogen lezen en becommentariëren. Maar die controle wilde ik nu eenmaal niet hebben. Dank, Trouw, voor dit mooie artikel!

Stuk in Trouw