Thuis

Kirsten 2583c uitsnede zonder oog

De oefening die ik mijn leerlingen heb gedaan – schrijf een verhaal van vijftien zinnen in honderd woorden of minder – wordt in de volgende les herhaald. Aan de nieuwe schrijfopdracht voeg ik wel toe dat in de tekst minimaal een spreekwoord en een uitdrukking moeten worden verwerkt. Dit is een voorbeeld.

1. Hij slaakte een zucht van verlichting: “Thuis!”
2. Het avontuur was hem niet in de koude kleren gaan zitten.
3. Achteraf sloeg hij zich voor het hoofd dat hij er aan begonnen was.
4. Hij had het nog zo geleerd: “Bezint eer ge begint!”
5. Spreekwoorden bevatten een waarheid als een koe, wist hij.
6. Afgepeigerd zonk hij ineen op de bank.
7. Op naar Dromenland – daar wachtte rust!
8. Zijn ogen werden zwaar.
9. BOEM! – in Dromenland.
10. Daar, in het donker, dacht hij zijn moeder te zien: “Moeder?”
11. Stilte.
12. “Moeder, bent u daar?”
13. Haar contouren waren duidelijk zichtbaar.
14. Hij glimlachte.
15. Zij zweeg.