Deadline gehaald!

Het is dus toch zo ver gekomen, de deadline voor de tekst is gehaald. Op 1 juni ligt mijn boek Tourflits in de winkel, verzorgd door uitgeverij Edicola en vormgegeven door Miriam Snijder van Creative Facilities. Tourflits is geschreven in opdracht van Hans Hogendoorn, de stem van NPO Radio 1. 


Voorlopig ontwerp boekomslag.

Het boek begint met ‘de kersenplukker’, die als jong kereltje op quatorze juillet in 1981 vanuit de kersenboom in zijn tuin kennismaakt met het programma, met verslaggever Theo Koomen, met wielrenner Peter Winnen en met wielrennen als sport. Helden zijn die dag geboren. Op 14 juli 2016 wordt op de Franse feestdag opnieuw een legendarische etappe verslagen in de uitzending van Radio Tour de France.

Voorwoord
De kersenplukker is 35 jaar na die onvergetelijke dag in de kersenboom op zoek gegaan naar de mensen achter het programma, naar de grondleggers, de mensen van het eerste uur en de mensen die er in de loop der jaren aan meegewerkt hebben of het nog steeds helpen maken. Een interview met Peter Winnen ontbreekt natuurlijk niet, het perfecte voorwoord is geschreven door Gio Lippens.

Dankbaar
Mijn dank gaat uit naar Hans en Gio, maar evengoed naar Gijs Zandbergen, de man die mij deze opdracht heeft bezorgd. Ook al die geïnterviewden die mij hun tijd hebben gegeven ben ik dankbaar, waaronder Felix Meurders, Mart Smeets, Dione de Graaff, Koos Postema, Herman van der Velden, Evert ten Napel en vele anderen. Een droom is uitgekomen.

Dank!

Peter Winnen

Kirsten 2583c uitsnede zonder oog

“Peter, Peter, Peter, ga je dan winnen?” hoor ik Theo Koomen in mijn herinnering nog altijd verwonderd uitroepen, alsof hij pal naast de renner rijdt, wat hij nog zo’n beetje doet ook. “Ga je dan echt winnen, hier op Alpe d’Huez, onze berg, de berg van 1977, toen Hennie Kuiper hier won, de berg ook van Joop Zoetemelk, die hier won?” Je krijgt niet elke dag de kans om je jeugdidool te interviewen, maar vandaag heb ik dat mogen doen. Peter Winnen, mijn held. Ik heb hem geïnterviewd – echt waar!

Volgt de vraag hoe het was, natuurlijk. Nou, fantastisch… Wat een mooie man. Hoe het kan weet ik niet, maar als kind zocht ik onbewust kennelijk al precies het type mens uit dat mij aantrekt; het intelligente, rustige, zeer beschouwende type. Zag ik dat bij hem als jonge renner al? Nee hoor, ik was negen en had geen idee. Zag alleen maar een held. Maar om de een of andere reden klopte de keuze, zou die nu niet anders zijn geweest. Het gesprek dat we hadden, ruim tweeënhalf uur lang, voelde geen moment gedwongen aan.

Vertrouwd
Van dat gesprek heb ik een klein deel opgenomen ten behoeve van het boek en de radiodocumentaire over de geschiedenis van Radio Tour de France, waar ik momenteel volop mee bezig ben. Het interview lijkt mij vooral geschikt voor het boek, op de radio zal het weinig spectaculair klinken. Maar ik ben hele mooie dingen over hem te weten gekomen, heb hem echt een beetje leren kennen. En hij mij, want ik heb ook veel over mijzelf verteld, juist omdat ik me vertrouwd met hem voelde en ik mij in hem herkende.

Rouwproces
Twee jaar geleden verloor hij zijn vrouw na een ziekbed van anderhalf jaar. Daar heeft hij het nu nog steeds moeilijk mee. Dat zei hij, maar dat stond vooral ook op zijn gezicht te lezen. Hij vertelde er rustig en open over. “Weet je dat er statistieken bestaan over rouw?” vroeg hij me, in de auto op de terugweg naar het station. Het staatje dat hij oplepelde, toonde aan dat het rouwproces na de dood van een levenspartner vijf tot zeven jaar in beslag neemt en hij dus midden in dat proces zit.

Mens
Zonder dat hij meelijwekkend was, had ik met hem te doen. Mijn idool, die fantastische renner van toen, na een mooie wielercarrière begenadigd schrijver geworden; ook hij blijkt een mens. Ik zag het puur menselijke verdriet letterlijk in zijn gezicht staan. Natuurlijk, die groeven heeft hij al een eeuwigheid, zelfs toen hij als broekie op Alpe d’Huez zegevierde zag hij er voorbij zijn jaren uit. Maar nu, in levenden lijve, zag ik geen held, maar iemand die een vriend had kunnen zijn. Nee! Een held is hij, en zal hij altijd blijven.