Loop niet te emmeren!

Eerder gepubliceerd op DIERENBESCHERMING.

Loop niet te emmeren, zou je zeggen. Toch zijn er volgens sommige senatoren zoveel mitsen en maren te bedenken wat betreft een verbod op seks of pornografie met dieren dat het onzeker is dat een wetsvoorstel daartoe dinsdag aanstaande door de Eerste Kamer komt. Zelfs de senatoren van de PvdA, de partij waar het initiatiefvoorstel vandaan komt, zouden zo verdeeld zijn dat tegenstanders van het verbod hebben gevraagd om een hoofdelijke stemming, waarmee de partijdiscipline kan worden losgelaten en ook dissidenten binnen de fractie van de PvdA de kans krijgen hun stem te laten horen. Bij dezen doe ik een beroep op de moraal van de weifelende senatoren; seks met dieren is onethisch en moet op grond van de intrinsieke waarde van dieren verboden worden.

Het al dan niet wettelijk verbieden van seks met dieren is al jaren onderwerp van maatschappelijke discussie. Die barstte in alle hevigheid los in 2004, toen een man die in Utrecht was betrapt op seksueel contact met een pony op dat punt werd vrijgesproken omdat hem dierenmishandeling (en huisvredebreuk, maar dat doet er in mijn verhaal niet toe) ten laste werd gelegd; de rechter achtte dierenmishandeling niet bewezen omdat het dier niet aantoonbaar pijn of letsel was toegebracht. De voornaamste reden voor de uitspraak was dat er in gevallen van dierenmishandeling alleen gekeken wordt naar de gezondheid en het welzijn van een dier en de intrinsieke of eigen waarde ervan niet in overweging kan worden genomen. Over dat laatste wordt in de Nederlandse wetgeving namelijk met geen woord wordt gerept.

Mooie woorden
Het wetsvoorstel dat nu bij de Eerste Kamer ligt brengt daarin geen verandering, maar wil in elk geval ‘ontuchtige handelingen’ met dieren opnemen in het Wetboek van Strafrecht. Overbodig, reageerde Eugénie de Bordes van de Leerstoel Dier en recht aan de Universiteit van Utrecht op 20 mei 2008 in NRC Handelsblad, kort nadat PvdA’er Harm Evert Waalkens het voorstel indiende. ‘De commotie rond seks met dieren is zonde van de tijd’, vond zij. ‘Het zou beter zijn als opwinding ontstaat over het gebruik van de miljoenen dieren voor economische, wetenschappelijke en recreatieve doeleinden’. Wat mij betreft is strijden voor een verbod op seks met dieren echter niet minder belangrijk dan het aan de kaak stellen van al die andere misstanden, vooral omdat er een signaal van uitgaat dat dieren wel degelijk een eigen waarde hebben.

Daar komt bij dat de omvang van het probleem niet de belangrijkste overweging is – als er één dier wordt misbruikt is dat er één teveel! – en niet moet worden onderschat. Volgens Amerikaanse onderzoekers heeft acht procent van de mannen en 3,5 procent van de vrouwen wel eens seks gehad met een dier. Over dierenpornografie zijn geen officiële cijfers beschikbaar, maar in de discussie over het wetsvoorstel wordt gesteld dat 65 procent van de wereldwijde markt voor dierenporno in Nederlandse handen is. Dit cijfer wordt bevestigd vanuit de porno-industrie. In De Gelderlander van 2 februari 2007 stelde pornoactrice Charisma Gold: ‘Dierenporno is de kleine tak van sport binnen onze business, maar het levert wel goud geld op. Nederlandse bedrijven in de seksfilmbranche halen soms zeventig procent van hun jaarwinst binnen met dierenseks.’

Symboolwetgeving
Volgens veel weifelaars of tegenstanders van een verbod is dergelijke wetgeving niet te handhaven en zou het voorstel symboolwetgeving zijn. Anderen grijpen de vele andere wreedheden aan die in Nederland zijn toegestaan. Eerste Kamerlid Paul Peters van de SP: ‘In dit land mogen we dieren onthoornen, castreren, hun tanden knippen, hun staarten couperen, hun snavels kappen en afbranden, hen een ring door de neus doen, hen merken en tatoeëren. (…) Daar waar seks met dieren het dier leed veroorzaakt, is het reeds lang strafbaar gesteld. Zelfs poging tot mishandeling van een dier is strafbaar.’ Allemaal waar. Maar in tachtig landen, inclusief alle ons omringende landen, is seks met dieren verboden. Dan zet de Nederlandse politiek zichzelf toch te kijk door te stellen dat een verbod niet mogelijk of onnodig is?

En ja, misschien komt dit verbod in de praktijk neer op symboolwetgeving. Dat zij dan maar zo! Met die constatering de kous afdoen is een politieke truc om de discussie in de kiem te smoren. Ja, het gaat hier om een principekwestie, dus de grenzen van het toelaatbare zijn diffuus. Dat geldt voor meer zaken die wij als maatschappij hebben besloten niet te tolereren. Het is tijd dat in ons Wetboek van Strafrecht zwart op wit komt te staan dat misbruik van dieren ter bevrediging van de eigen seksuele behoefte niet wordt getolereerd. Net zoals dat in de landen om ons heen is gebeurd. Nogmaals, senatoren die zeggen dat deze wetgeving niet sluitend is te krijgen emmeren over details. Daar neem ik geen genoegen mee. Beste dames en heren senatoren, wat mij betreft komt er een verbod op emmeren!

Published by