Ja, ja, Kruijswijk!

De Franse televisiecamera’s die de Tour de France in beeld brengen, negeren Steven Kruijswijk. Gisteren werd hij nota bene niet eens bij de favorieten vermeld die in de voorste groep zaten, terwijl hij wel degelijk mee was. Enric Mas, lager geklasseerd, werd niet vergeten. Kruijswijk wordt door de Franse regie kennelijk niet gezien, hooguit als outsider. Maar hij is een hartstikke goede renner in een hartstikke goede ploeg en hij en zijn maten zijn in de winning mood. Hij blijft rustig en is misschien wel dé man van de lange adem in drieweekse rittenkoersen.

Van Kruijswijks grootste concurrenten voor een topklassering wordt na de tiende etappe het meest verwacht van Geraint Thomas en Egan Bernal, ploeggenoten bij de sterkste ploeg. Bernal zou voor eigen kans kunnen gaan. Voor de eindoverwinning heeft hij echter nog te weinig inhoud en ontbeert hij de ervaring. Titelverdediger Thomas zal kwetsbaarder blijken dan vorig jaar, toen hij ongenaakbaar was, vanwege een minder optimale voorbereiding in combinatie met hogere verwachtingen. Hij rijdt tot nu toe verrassend goed, maar in de Alpen, aan het einde van de ronde, zakt hij door het ijs.

Waarom Kruijswijk een goede kans heeft om de Tour de France te winnen. Omroep Brabant.

Ontembare klimgeit
Thibaut Pinot dan. Die, zagen wij gisteren weer, mist weleens de slag. Desondanks heeft hij zijn slechte dag nog niet gehad, terwijl de druk op zijn schouders groter zal blijken dan zij kunnen dragen, vooral als hij in de buurt van het geel komt. Maar hij is een taaie en voor Kruijswijk samen met Thomas de te kloppen man. Want Adam Yates heeft in deze ronde weinig aan tweelingbroer Simon, terwijl niets er op wijst dat hij een ploeg heeft die meer voor zijn kopman betekent dan Jumbo-Visma voor Kruijswijk. In explosiviteit is hij de Nederlander de baas, maar dat komt uit dezelfde bron als de grilligheid die hem zal opbreken.

Nairo Quintana gaat het beter doen dan de afgelopen jaren, maar een ontembare klimgeit is hij niet meer. Het hooggebergte gaat nog in overvloed komen en zijn sterke ploeg rijdt nu in zijn dienst, dat zijn pluspunten voor hem. De man met de hamer komt hij tegenwoordig echter elke grote ronde tegen.

Van hoog niveau
En dan moeten we dus ook Mas nog niet uitvlakken, volgens de Franse regie. En het klopt, hij is een man die een ronde kan gaan winnen. Kán gaan. In de toekomst. Eerst wat kleinere rondes, uiteindelijk een grote. Hij is een talentvolle ronderenner, maar meer een Pedro Delgado dan een Miguel Indurain. Hij moet groeien.

Mannen als Romain Bardet, Rigoberto Urán en Daniel Martin hebben inmiddels in menig grote ronde van zich doen spreken. Zij zijn van hoog niveau, maar staan al op wat meer achterstand, hoewel dit in het geval van Martin een kwestie van slechts enige tientallen seconden is. Kunnen zij verrassen? Nee. Bardet ontbeert bloedvorm, dan houdt het voor een goede maar niet uitzonderlijke ronderenner op. Urán heeft mooie klassementen gereden, maar is over zijn top. Datzelfde geldt voor Martin, die, anders dan Bardet en Urán, nooit heeft laten zien het in zich te hebben om een grote ronde te winnen.

Mart Smeets: ‘Bardet had moeten winnen’. NU.nl

En Emanuel Buchman, wat kan die? De huidige nummer vijf in het algemeen klassement komt meer dan aardig mee en zal zich nog laten zien, maar is op zijn best en als alles meezit, net als Martin, een man voor  de tiende tot en met de zesde plaats in de eindrangschikking. Dat hij momenteel nog zo kort staat, is zeer verdienstelijk.

Potentiële winnaar
Maar goed, nog altijd rijdt iemand anders dan al deze kanshebbers in het geel. Julian Alaphilippe is natuurlijk een nauwelijks te overschatten renner, in wie menig kenner een potentiële winnaar van de Tour de France herkent. Ik ook. Want, waarom niet? Hij is een leider, een veelvraat en een alleskunner.

Echt waar, ik ook? Ik ook. Tot gisteren. Alaphilippe heeft mij door zijn uitstekende rijden in de tiende etappe, waarin hij aan kop van het peloton beulswerk heeft verricht voor ploegmaat en topsprinter Elia Viviani, niet gesterkt in die mening. Alaphilippe heeft namelijk een tekortkoming: hij is té allround.

Vuelta a España
De Fransman doet denken aan de Ierse supercoureur Seán Kelly uit de jaren tachtig. Hij kan alles en wil en gáát, op elk terrein, op elk moment en bijna altijd het juiste, of hij in het geel rijdt of niet. Daar komt hij zeer ver mee en het maakt hem een lust voor het oog, een aanvaller van de bovenste plan.

Maar je wint er deze ronde niet mee, behalve als je Eddy Merckx heet en in diens tijdperk streed. Dat beseft Alaphilippe, die de eerste rustdag gebruikt om de verwachtingen te temperen die het Franse publiek van hem heeft. “Ik ben mij ervan bewust dat ik die trui opnieuw zal moeten afstaan”, zegt hij.

Op dit moment op dit parcours is de eindzege gewoonweg te veel gevraagd voor de huidige aanvoerder van de wereldranglijst. Laat hem eerst een keer de Vuelta a España op zijn naam schrijven, bijvoorbeeld, zoals Kelly dat ook deed. Dan zien we van daar wel hoe hij zich ontwikkelt.

Mart Smeets: ‘Alaphilippe stortte in’. NU.nl

Geen twijfel
O ja, Jakob Fuglsang. Maar nee, die staat te ver achter, vooral omdat bij hem, zeker na zijn val tijdens de openingsetappe van de Tour de France, het beste ervan af is voor dit seizoen. Desalniettemin beleeft hij een schitterend seizoen. Ook Alejandro Valverde en Warren Barguil staan op kansloze achterstand. De Spanjaard rijdt na gisteren in dienst van Quintana, de Fransman is zijn glans verloren.

Echt, Kruijswijk wint. Waarschijnlijk zonder een individuele etappezege te boeken, waardoor het in de eerste plaats een overwinning van de regelmaat zal zijn. Dat zijn meestal saaie overwinningen van kleurloze renners, tussenpausen die al snel weer vergeten zijn. Zo niet in dit geval. Want het lijkt er steeds meer op dat in het hedendaagse wielrennen de top veel breder is geworden, waardoor grote rondes onvoorspelbaarder zijn. Na tien dagen koers is nog niet te zeggen wie de beste papieren heeft. Alhoewel over de eindwinnaar geen twijfel bestaat.