Het morele gewicht van vijftig miljoen kilo vlees

Eerder gepubliceerd op SARGASSO.

OPINIE – Het laatste schandaal in de vee-industrie betreft de verwerking van paard in rundvlees: vijftig miljoen kilo vlees is teruggeroepen. Is het omslagpunt bereikt?

Wat zegt het over onze maatschappij dat er in de mediale consternatie over vijftig miljoen kilo teruggeroepen vlees voorbij wordt gegaan aan de vraag of deze verspilling van voedsel in moreel opzicht nog wel aanvaardbaar is. Vijftig miljoen kilo! Omdat er misschien paard in het rundvlees zit. Terwijl er meer dan genoeg mensen zijn die het zouden eten… Het vlees naar de prullenbak verwijzen, waar het terugroepen op neerkomt, toont onze onverschilligheid ten aanzien van leven dat anders is dan wij.

Er is niet vastgesteld dat er iets mis is met het vlees, behalve dat er – schandalig, natuurlijk – niet de waarheid is gesproken over de diersoorten die er in zijn verwerkt. Schadelijk voor de gezondheid zou consumptie ervan niet zijn. Duidelijk is wel dat de controles niet veel voorstellen, wat de vraag oproept wat er nog meer in ons vlees zit dat niet achterhaald wordt. Maar een paniekreactie op de ontdekking van paard in rund is niet nodig, en dat is precies wat het terugroepen van al dit vlees wel is. Gebruik tijd, geld en moeite liever om het falende systeem te veranderen.

Bewuster
Het is onvoorstelbaar dat de reguliere vee-industrie nog steeds niet massaal de rug is toegekeerd, ondanks de talloze symptomen van het failliet ervan. Daarbij denk ik aan deze fraude, maar vooral ook aan de grootschalige ziekte-uitbraken – of alleen al de dreiging daarvan – waarvoor soms miljoenen dieren gedood worden, simpelweg omdat doodmaken de goedkoopste uitweg uit de problemen lijkt. Ook denk ik aan de beelden die stiekem gemaakt zijn in de stallen van de reguliere vee-industrie, waarop dieronterende toestanden te zien zijn.

Mensen eten vlees, prima. Maar zij die niet zonder hun gehaktbal kunnen zouden zich wel eens wat bewuster mogen zijn van wat er op hun bord ligt. Het lot van de dieren in de vee-industrie is voor de meeste mensen geen onderwerp van zorg, gewoon omdat zij het zich kunnen permitteren weg te kijken. Gewend als wij zijn aan uitwassen, denken wij er niet eens meer aan om morele vragen te stellen over het terugroepen van vijftig miljoen kilo vlees. We nemen er notie van, tonen desgevraagd verontwaardiging en gaan over tot de orde van de dag.

Maatschappelijk debat
Als een overheid besluit zo veel vlees te vernietigen, zonder dat de markt op tilt slaat of burgers in opstand komen, dan is de door deze overheid gerepresenteerde maatschappij toe aan herijking. De ijkvraag dient te zijn: ‘Waar zijn wij in vredesnaam mee bezig, dat wij tientallen miljoenen dieren per jaar na een schandalig slecht leven in mootjes hakken voor ons eigen genot?’ Het gros der Nederlanders gooit achteloos een paar kiloknallers op de barbecue, geen moment beseffend dat vlees ooit een luxeproduct was.

Moet vlees dan weer een luxeproduct worden? Nee. Maar terughoudendheid mag de consument wel betrachten. En hulp om mensen in die richting te bewegen mag de overheid best bieden. Door over vlees uit de reguliere vee-industrie een vleestaks te heffen. Door de eisen voor het dierenwelzijn in de vee-industrie fors op te schroeven. Door subsidies alleen nog toe te kennen aan biologische boeren. Door in Europa te pleiten voor scherp toezicht op dierenwelzijn. Het is tijd voor een maatschappelijk debat over de moraliteit van de vee-industrie.

Published by