De kracht van rechtvaardigheid

Kirsten 2583c uitsnede zonder oog

Plotseling lijken mijn lessen aan te slaan bij de leerlingen, die mij een beetje leren kennen. Ze weten dat ik tegen een dolletje kan, dat ik zelf graag een geintje maak en dat ik ben te vertrouwen. Een van de aanvoerders van mijn grootste klierklas kwam vandaag naar me toe – hij kwam in de pauze mijn lokaal in, terwijl hij geen les van me had gehad of zou hebben – en gaf me een hand. “U bent een leuke leraar”, zei hij. Hij is een slijmbal, natuurlijk, maar zijn compliment deed me goed.

Een dag na dat onverwachte bezoekje stond ik het etterbakje en zijn terroriserende kompanen les te geven toen hij, opnieuw uit het niets, begon over de verkiezing van de Leraar van het Jaar die in oktober is gehouden op mijn school. Wie die ook alweer gewonnen had, vroeg hij. “Weet ik niet”, zei ik naar waarheid. “Maar daar houd ik me ook niet bezig. En zeker nu niet, want die verkiezing heeft niets met deze les te maken. Wil je alsjeblieft gewoon meedoen, Silvio?”

“Ik vind dat u had moeten winnen”, ging hij door.

“Dat zou vreemd zijn geweest.”

“Waarom?”

“Omdat ik hier toen nog maar net was begonnen. En nu – terug naar de les, jongen.”

Op waarde geschat
Na afloop van dat lesuur realiseerde ik me dat ik Silvio afgelopen vrijdag had opgescheept met een 2,5 voor een groepsopdracht. Twee van zijn drie groepsgenoten hadden daar een 7,5 voor ontvangen, de derde eveneens een 2,5. Silvio en zijn vriendinnetje verdienden dat cijfer omdat, zo had ik achterhaald, zij hun groepsgenoten onder druk hadden gezet om vooral niet aan mij te melden dat de werkverdeling in het groepje niet bepaald evenwichtig was geweest.

Kennelijk heeft die lage beoordeling onze relatie goed gedaan. Niet dat het cijfer hem veel kon schelen, maar hij besefte dat hij niet was weggekomen met onaangepast gedrag – hij was eerlijk behandeld: niet coulant, maar op waarde geschat, wetend dat hij beter kan en dat moet gaan laten zien. Eerder, ongeveer vier weken na mijn eerste schreden als docent, had ik hem een zeven gegeven voor een presentatie die dat niet waard was geweest. Die heeft hem een voldoende op zijn rapport bezorgd.

Ouders
Na die veel te hoge waardering voor zijn ondermaatse prestatie is onze relatie een week of vier heel stroef geweest; hij deed wat hij wilde in de klas en toonde geen greintje respect. Anderen deden met hem mee, waardoor de leeromgeving danig verstoord raakte. Ik heb hem er zelfs een keer moeten uitsturen, compleet met een uitzendbrief. In ons nakomgesprek na die les gaf ik hem te kennen te overwegen zijn ouders te bellen om zijn gedrag te bespreken. Silvio smeekte mij dat niet te doen.

“Ik heb constant ruzie thuis. Als u mijn ouders belt, dan gaat het weer mis”, zei hij met tranen in zijn ogen. “Dat kan zijn”, antwoordde ik. “Maar stel: ik bel je ouders niet omdat ik weet dat jij daar thuis wellicht meer problemen krijgt dan goed voor je is. Dat geeft jou een vrijbrief om te doen en laten wat je wilt.” “Nee, meneer, ik zweer het: ik zal me beter gedragen. Maar belt u alstublieft mijn ouders niet!” Ik heb zijn ouders niet gebeld, op voorwaarde dat zijn gedrag inderdaad verbetert.

Rechtvaardigheid
Sindsdien had ik uiteraard een stok om mee te slaan:“Silvio, je weet wat we hebben afgesproken…” Maar vriendelijk – nee, dat was hij niet. Tot vandaag, dus. En volgens mij heeft dat echt met die 2,5 te maken, die hem heeft doen inzien dat ik een zeker gevoel voor rechtvaardigheid heb, en dus te vertrouwen ben. Ik weet dat hij morgen weer even lastig kan zijn als tijdens de les waaruit ik hem heb verwijderd. Zo gaat dat met pubers. Maar ik ben niet gek – ik weet wanneer ik een slag gewonnen heb.

Published by