Geslaagde cartoon

Tennisster Serena Williams had tijdens de finale van de Australian Open in september vorig jaar haar dag niet. En dat liet zij blijken ook. Bij voortduring. Haar gedrag resulteerde in drie officiële waarschuwingen, die haar een game kostten en mede daardoor de wedstrijd. Daarbovenop kreeg zij een boete.

Williams’ woede-uitbarsting was voor Michael Knight, cartoonist voor de Australische Herald Sun, aanleiding voor een spotprent. Op zijn tekening staat een karikatuur van Williams afgebeeld, stampend op haar racket, met een wilde haardos en met een fopspeen naast zich op de grond. Uit de grote, open mond spreekt intense woede. Op de achtergrond vraagt de umpire aan Williams’ tegenstandster: “Kun je haar alsjeblieft laten winnen?”

De gewraakte spotprent

Tabloiduitgave
Een geslaagde cartoon. Ware het niet dat de karikaturale Williams een platte neus en dikke lippen heeft gekregen, terwijl het opgestoken haar op kroeshaar zou lijken. “Racisme!” klonk het dan ook al snel en luid uit verlichte hoeken. En ook: “Vrouwonvriendelijk!”

Toen ik jong was, was ik daar zonder twijfel in meegegaan. Want ja, de zwarte mens wordt altijd en overal gediscrimineerd en vrouwen worden in het tenniswereldje vaak nog achtergesteld bij mannen, in beloning bijvoorbeeld. En, minstens zo verdacht: de Herald Sun is een tabloiduitgave uit de conservatieve koker van Rupert Murdochs mediumimperium News Corporation.

Naar aanleiding van de klachten werd de cartoon onder de loep genomen door de Australische Raad voor Journalistiek. Die oordeelde deze week dat de spotprent niet racistisch of seksistisch kan worden genoemd en dus niet in strijd is met de normen in de media.

Gelukkig maar.

Geëigende aanleiding
De racismekaart spelen zegt in deze kwestie meer over de critici van de cartoon dan over Wilson. Zij bepleiten immers een morele veroordeling van een tekening – en daarmee van de maker – op basis van wat zij zelf in die tekening zien, en niet op basis van de intentie van de tekenaar. Wie karikaturen van zwarte of vrouwelijke beroemdheden niet toestaat omdat zij karikaturen zijn, reduceert zwarte en vrouwelijke mensen reduceren tot karikaturen van zichzelf.

Uiteraard hebben kranten en andere uitingen van het vrije woord de plicht om te waken voor ridiculisering van bevolkingsgroepen. Daarvan is in dit echter geval geen sprake. Wilsons karikaturisering heeft namelijk puur betrekking op Williams, wier wangedrag op de tennisbaan een geëigende aanleiding was voor een spotprent.

Daves lied

Na een optreden op het Finger Lakes GrassRoots Festival of Music & Dance in Trumansburg, NY kreeg ik een cd in handen gedrukt van Dave Wilson, de vader van mijn toenmalige drummer. “Dit is mijn album”, zei hij. “Er staat een lied op over jou.”

“Een lied over mij?”

Mijn drummer Willie B en ik hadden mooie avonturen beleefd samen, waarvan Amerika doorkruisen met Johnny Dowd het hoogtepunt was. Willie B’s vader had ik een paar keer ontmoet toen hij uit Boston op bezoek was in Ithaca, NY, waar Willie en ik in hetzelfde huis woonden. Tijdens een van die ontmoetingen had ik hem eens verteld over mijn komst naar Amerika.

Dat verhaal sprak hem kennelijk aan.

Herontdekt
Thuis zette ik het album op, nieuwsgierig, en mocht ik ervaren hoe het is om bezongen te worden: “Come on, come on, Jairo, you know what to do. No one lives his life like you.”

Ik was vereerd.

Desondanks heb ik het album sindsdien niet meer geluisterd en is het in de vergetelheid geraakt, alhoewel ik nooit ben vergeten dat er door een Amerikaanse zanger een lied over mij is geschreven.

Stoffige doos 
Onlangs, veertien jaar later, heb ik het album herontdekt – of eigenlijk pas echt ontdekt. Zanger en liedjesschrijver Wilson is daar zelf verantwoordelijk voor door contact met mij op te nemen om mij te laten weten dat hij een tweede album heeft uitgebracht.

Onmiddellijk besloot ik dat eerste album weer eens op te zoeken. Dat bleek na heel wat verhuizingen in een stoffige doos op zolder verzeild te zijn geraakt. En zo kwam ik op het idee om het bericht over Wilsons nieuwe album aan te grijpen om hem eindelijk te bedanken voor het prachtige lied dat hij over mij heeft geschreven.

Bij dezen, Dave!

Voor mijzelf

In de afgelopen weken heb ik dagelijks een aantal selfies gemaakt en die bewerkt totdat zij mij bevielen. En als zij mij maar steeds niet konden bevallen, gooide ik ze weg. Uiteindelijk zijn er acht zelfportretten overgebleven waarvan ik zeg: “Mwoh, tja, nou ja, die kunnen er wel mee door”.

De gedachte achter dit project is dat ik wilde onderzoeken of ik in de foto’s mijn gemoed op het moment van fotograferen zou herkennen, ondanks of misschien wel juist dankzij de rigoureuze bewerkingen.

Aura
Natuurlijk, impulsieve blijdschap en boosheid herken je onmiddellijk op foto’s. Waar ik naar zocht is echter iets wat dieper gaat dan die uiterlijkheden. Een mogelijk bewijs voor het bestaan van zoiets als een aura, bijvoorbeeld.

Er zijn volgens mij aardige, voor mijzelf verrassende portretten uit voortgekomen. Wat lijk ik donker van geest op sommige van deze foto’s! En wat kom ik anders over dan ik mij van binnen voel…

Voor mijzelf
Betekent dit nu dat mijn gemoed, het aura, wel of juist niet doorschijnt in deze afbeeldingen? Het antwoord op die vraag houd ik voor mijzelf.

Aanzoek

Voor Natascha

Pas toen ik ze gezegd had
Besefte ik
Hoe waar die woorden zijn:
“Omdat je het nooit gaat voelen
Als je het nu niet voelt”

Ik sprak ze uit tegen jou
Gisteren
Toen het moment van de waarheid
Voor de deur stond, en
Zelfs al had aangeklopt

Ik laat het binnen
Nu, met vertrouwen,
Omdat ik luister naar mijn intuïtie
Die mij nooit in de steek laat
En die zegt dat het goed is

Zoals zij dat ook
Een halfjaar geleden al zei
Voordat ik voor het eerst besloot
Om jou te vragen
Of jij mijn vrouw wil zijn

Gisteravond
Heb ik dat besluit opnieuw genomen
Nadat ik mijzelf
Nog een laatste keer
Recht in de ogen had gekeken

Staand voor de spiegel
Met strenge blik vooruit
Heb ik bij wijze van laatste controle
De woorden die ik tegen jou zei
Voor mijzelf herhaald

“Omdat je het nooit gaat voelen
Als je het nu niet voelt”
Liet ik weten aan de spiegel
Die dat onmiddellijk beaamde
En mijn liefde voor jou bevestigde

Het moment is dan ook aangebroken
Om jou vanuit mijn hart
Te laten weten dat ik klaar ben
Voor het antwoord op de vraag:
“Lieve Tas, wil je met mij trouwen?”