Rare dingetjes

Babypraat, mijn vorige post. Daar moeten we het over hebben. Dat is een raar dingetje. Wellicht onooglijk. Vind ik wel, in elk geval.

En toch ben ik blij dat ik het heb geplaatst. Het betreft namelijk niet, wat ik toentertijd wel dacht, de inleiding van mijn nieuwe roman, die ik al heel lang probeer te schrijven. Nee, het is de opening van het verhaal geworden, zij het in een welhaast onherkenbaar geredigeerde versie.

Met redigeren ben ik begonnen omdat het stuk niet goed voelde. Het idee erachter was prima, vond ik, maar ik moest er nog iets mee. Na dagen nadenken over de vraag wat eraan schortte, wist ik het plotseling. Waarna ik onmiddellijk ben gaan schrijven. Daardoor is het fiks korter. Ik heb prachtige namen bedacht. Alle poespas is eruitgehaald. Het is verbeterd.

In de komende maanden blijf ik, wil ik probeersels, eerste versies, uiteindelijke versies, onuitgewerkte ideeverhalen en alles wat ik verder nog bedenk op de site plaats. Opdat de bezoeker van mijn website het boek langzaam vorm kan zien krijgen. Net als ikzelf. Hopelijk werkt dit als een stok achter de deur om van de uitwerking van het verhaalidee eindelijk werk te maken.

Nog veel meer rare dingetjes zullen hier landen.

Babypraat

De glijbaan van hier naar de nieuwe wereld is lang en oogt benauwend, vindt Baby-Ik, die niet zo avontuurlijk is. Baby-Jij kijkt hem met een meewarige glimlach aan. “Benauwend?” schampert zij. “Ha! Zet je schrap en ga, je zult zien dat het meevalt.”

Baby-Ik zet zich schrap. Hij telt af van drie naar één en verkrampt. Opnieuw. En nog eens. Totdat Baby-Jij er genoeg van heeft. “Als je nu niet gaat, geef ik je een duw!” roept zij, terwijl zij dreigend haar armen vooruitsteekt.

Baby-Ik weet dat zij dit niet meent. “Je zou mij nooit duwen”, zegt hij.

“Nee, maar dat ik dat moet zeggen om jou van die glijbaan af te laten gaan, is al erg genoeg.”

Daar zit wat in, weet Baby-Ik, die allesbehalve een angsthaas wil zijn. “Maar jij kunt toch ook als eerste gaan?”

“Nee, want de spermatozoïde waaruit jij bent ontsproten is eerder een ovum binnengedrongen dan de mijne.” Baby-Jij zegt het met een stalen gezicht, maar, hoewel zij meent wat zij zegt, Baby-Ik hoort aan de intonatie van haar stem dat zij vooral probeert haar broer gerust te stellen.

“Vermijd moeilijke termen, zus! Jouw toekomst als verpleegkundige staat of valt met je vermogen om helder te communiceren. Patiënten hebben geen behoefte aan mooie woorden. Overigens zal jij stralen in dat beroep.”

“Toe, ga!” Haar armen schieten naar voren alsof zij deze keer echt gaat duwen.

“Drie twee één, go!” roept Baby-Ik nogmaals, in de ijdele hoop dat het hem deze keer wel lukt om uit de startblokken te schieten.

“Jezus, broer!”

“Ik verstar, het lukt gewoon niet!”

“Nou, dan blijven we hier. Komen ze ons maar halen.”

Maar dat kan Baby-Ik niet laten gebeuren, daarvoor is hij te trots. “Halen?” roept hij? “Niets daarvan, we gaan!” Hij zet zich af en roetsjt naar beneden. Echt snel gaat hij niet, het is meer een soort wurmen. Met het hoofd vooruit duwt hij zich een weg naar het avontuur dat voor hem is uitgetekend. Kort achter hem volgt Baby-Jij.

Aan het einde van de glijbaan, net voordat de wereld hem verwelkomt, beseft hij dat hij altijd zijn zus zal hebben om hem bij te staan. “Overigens word ik geen verpleegkundige, maar verpleegkundig-specialist!” hoort hij haar nog zeggen. Met een gelukzalige glimlach laat hij wat volgt gebeuren.

Tignes voor Kruijswijk!

Nog steeds fier aan kop, Julian Alaphilippe. Wat een vechter! Hoewel Egan Bernal zich gisteren met een machtige demarrage tot favoriet voor de eindoverwinning bombardeerde, moet de Colombiaan en landgenoot van ritwinnaar Nairo Quintana nog maar bewijzen ook de overige twee Alpenetappes zo sterk te zijn. De Franse droom duurt voort.

De droom van Nederland leek op een teleurstelling uit te draaien, want Steven Kruijswijk reed matig. Als de beklimming naar de top van de Col du Galibier langer had geduurd, had hij er net als Alaphilippe af gemoeten. En dat terwijl de Nuenenaar tijd moet winnen waar de Fransman zijn verlies moet beperken en Alaphilippe deels kan leunen, ook vandaag, op zijn capaciteiten als daler.

Galibier
Evenmin overtuigend in de eerste Alpenrit reed Thibaut Pinot, in de Pyreneeën ongenaakbaar. Geraint Thomas heeft als ploegmaat van Bernal, die boven hem staat in het algemeen klassement, nu beperkte vrijheid om aan te vallen, ook omdat zijn rijden minder sterk is dan dat van de Colombiaan. Het zou dan ook wel eens een tweestrijd kunnen worden tussen Bernal en Alaphilippe.

Tignes
Maar nee, Kruijswijk wint dit jaar de Tour de France. Na de rit over de Galibier gaf hij aan minder slecht te zijn geweest dan hij van tevoren had gedacht. Dit betekent dat hij er doorheen is gekomen. De etappe van vandaag, nummer negentien van 21, zal andere koek voor hem zijn, beter smaken. Niet voor niets heeft hij de slotklim naar Tignes in de voorbereiding liefst acht keer geoefend.